Om deze website te kunnen gebruiken dient u Javascript in te schakelen.

kennisplatform

Intra-en extramurale zorg

  • Preventieve maatregelen

  • Hygiënemaatregelen

    Handhygiëne is het allerbelangrijkste als het gaat om voorkomen van besmetting van virussen en bacteriënwaar je ziek van kan worden. Zeker in de zorg voor kwetsbare ouderen en helemaal tijdens uitbraken zoals die van het coronavirus momenteel.. Bij zorgmedewerkers is extra aandacht nodig voor:

    • toepassen handhygiëne;
    • geen handen geven;
    • hoesten en niezen in de elleboog;
    • papieren zakdoekjes gebruiken;
    • juist gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) zoals schort, handschoenen, veiligheidsbril en masker (zie tabel);
    • gebruik medische hulpmiddelen patiëntgebonden of gebruik disposables.

    Daarnaast kan er in de intra- en extramurale zorg gewerkt worden via de ‘veilige vijf’. Deze 5 adviezen informeren over handen reinigen op de juiste manier en op de juiste momenten, welke eisen er worden gesteld aan werkkleding, wanneer er gedesinfecteerd moet worden en wat er met het wasgoed gebeurt. De 5 adviezen richten zich op 5 onderwerpen, namelijk:  

    1. Handhygiëne 
    2. Persoonlijke hygiëne 
    3. Persoonlijke beschermingsmiddelen 
    4. Reiniging en desinfectie
    5. MRSA/BRMO
  • Handreiking infectiepreventie maatregelen – cohort afdelingen

    Klik voor meer informatie op de link hieronder:

  • Indien iemand positief is getest, wanneer mag diegene uit isolatie?

    Indien iemand positief is getest op COVID-19 moet diegene in isolatie aangezien hij/zij besmettelijk kan zijn voor anderen. Zo wordt voorkomen dat anderen besmet raken.

    De isolatie voor patiënten verblijvend in een verpleeg- of verzorgingstehuis mag opgeheven worden bij de volgende voorwaarden:

    • Ten minste 24 uur symptoomvrij EN 48 uur koortsvrij en minimaal 14 dagen na de start van symptomen

    Verschillende zorginstanties hebben bewust voor een afwijkend beleid gekozen ten opzichte van de RIVM-richtlijnen, aangezien in de praktijk bij een groot deel van de patiënten een beloop werd gezien waar men eerst 24-48 uur klachtenvrij worden gezien (waardoor isolatie werd opgeheven) en vervolgens opnieuw symptomen krijgen. Naar aanleiding hiervan heeft Verenso, in samenspraak met de RIVM, de periode verlengd tot 72 uur. Dit om een veiligere marge aan te houden gezien de kwetsbare groep.

    Voor patiënten met COVID-19 in de thuissituatie geldt:

    • Ten minste 24 uur symptoomvrij EN minimaal 7 dagen na de start van symptomen

    Uitzonderingen

    • Bij patiënten met aanwijzingen voor pneumonie of ziekenhuisopname: ten minste 24 uur symptoomvrij EN minimaal 14 dagen na de eerste ziektedag (NHG afgestemd met RIVM 27-5).
    • Bij immuun gecompromitteerde patiënten: ten minste 24 uur symptoomvrij EN minimaal 14 dagen na de eerste ziektedag; overweeg 2 keer testen met 24 uur ertussen.
    • Bij patiënten met aanhoudende hoestklachten: ten minste 24 uur sterk afgenomen hoestklachten EN 48 uur koortsvrij (temperatuur < 38 graden, zonder koorts remmende medicatie) EN minimaal 14 dagen na de eerste ziektedag; overweeg eenmalig testen.
  • Isolatie in de thuiszorg

    Isolatie: Het kan zijn dat thuiszorgmedewerkers te maken krijgen met iemand bij wie het coronavirus is vastgesteld en daardoor in thuisisolatie moet. Als een cliënt in thuisisolatie zit en huisgenoten heeft, moet hij in een eigen ruimte verblijven. Wanneer deze de kamer verlaat draagt hij een chirurgisch mondmasker. Bij voorkeur is de cliënt echter niet in een gemeenschappelijke ruimte op het moment dat er huisgenoten aanwezig zijn.

    Thuisisolatie na ziekenhuisopname: Wanneer een uitbehandelde patiënt met corona uit het ziekenhuis komt, moet hij in staat zijn om voor zichzelf te zorgen. Dit is een belangrijke voorwaarde voor thuisisolatie. De patiënt moet in staat zijn om algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL) uit te voeren. Alleen dan kan de thuiszorgorganisatie de patiënt in zorg nemen.

     

  • Quarantaine in de thuiszorg

    Het kan zijn dat thuiszorgmedewerkers te maken krijgen met cliënten die in quarantaine moeten. Dit omdat zij mogelijk besmet zijn en nog geen ziekteverschijnselen hebben. De quarantaine duurt tot de incubatietijd van 10 dagen is verlopen. De cliënt dient hierbij dagelijks de lichaamstemperatuur te meten. Bij verdenking op corona dient nu altijd PBM gebruikt te worden.

  • Gelden er andere regels als er ook medebewoners zijn?

    Als een patiënt met klachten ook huisgenoten heeft, zijn er extra maatregelen om te voorkomen dat de huisgenoten ziek worden. Informatie hierover vindt u in de informatiebrieven voor huisgenoten van het RIVM. Van belang is dat de positief geteste persoon in isolatie gaat. Dit wordt bereikt door de zieke in een eigen ruimte te laten verblijven, veelal de slaapkamer, en de huisgenoten elders. De patiënt neemt extra maatregelen wanneer deze de kamer verlaat en andere gemeenschappelijke ruimtes in de woning betreedt indien daar huisgenoten aanwezig zijn. Bij voorkeur is de patiënt echter niet in een gemeenschappelijke ruimte op het moment dat er huisgenoten aanwezig zijn.
    Voor de thuiszorgmedewerker is er geen verschil in handelen bij thuisisolatie met of zonder huisgenoten. Pas de normale hygiëneregels toe en gebruik de genoemde persoonlijke beschermingsmiddelen zowel in de ruimtes waar de patiënt verblijft als waar de huisgenoten verblijven.

  • Persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM)

  • Beschermende persoonlijke middelen

    Beschermende maatregelen (Verenso)

    Verenso heeft een behandeladvies voor specialisten ouderengeneeskunde, waarin ook informatie staat over het gebruik van beschermende middelen. Onderstaande beschermingsmiddelen adviseert Verenso bij patiënt met (verdenking van) corona. Behandeladvies Corona, op website Verenso.

    Schort:

    • een niet-vochtdoorlatende schort met lange mouw (PE-coating). In geval van
      schaarste aan schorten (met PE-coating): 1. gebruik een ‘normaal’ schort met lange mouwen en draag er een halterschort overheen. Of 2. Draag een halterschort over de dienstkleding met korte mouw, neem bij handhygiëne na uittrekken persoonlijke beschermingsmiddelen de
      onderarmen mee.

    Masker:

    • een chirurgisch neusmondmasker (type IIR) 
      • Uitzondering: gebruik een FFP2-masker bij handelingen waarbij het bekend is dat veel aerosolen kunnen ontstaan zoals handelingen aan tracheastoma en uitzuigen. 
    • Verlengd gebruik van een FFP-/chirurgisch masker:
      • Het masker mag aan 1 stuk gedragen worden (bij verschillende patiënten met COVID-19) totdat de ademhalingsweerstand (moeilijker is om te ademen) te hoog wordt (na ca. 3-4 uur) of het masker heel nat.
      • Maskers hoeven i.t.t handschoenen niet te worden gewisseld bij de zorg voor meerdere patiënten achter elkaar.
    • Anticiperen op hergebruik van de FFP-/chirurgisch maskers: Bewaar FFP- en chirurgische maskers alleen als er contact is met een steriliserende partij voor (her)sterilisatie en later hergebruik. Verzamel de gebruikte mondneusmaskers volgens voorschriften in een plastic zak die afgesloten wordt. Laat duidelijk natte maskers eerst drogen en verzamel deze in een aparte plastic zak. 
    • Wees bij hergebruik extra voorzichtig bij het afdoen van het masker.
      • Pas handhygiëne toe.
      • Mondneusmasker alleen aan de elastiek en aan de zijranden vastpakken. Eerst onderste elastiek losmaken, dan bovenste.
      • Buig voorover als je het masker afdoet.
      • Voorkom dat het mondneusmasker met de buitenkant tegen je gezicht aan komt.
      • Pas handhygiëne toe.

    HandschoenenInstructiefilmpje aan- en uittrekken van RIVM. Altijd wisselen van handschoenen bij iedere nieuwe patiënt.

    Spatbril / face-shield (met oogbescherming aan de zijkanten)

    • Een spatbril sluit goed aan op de huid omdat het virus ook via de traanbuis naar binnen kan komen, een gewone bril volstaat dus niet:
    • Bij tekorten: hergebruik is mogelijk. Desinfecteer na gebruik met alcohol 70%. Dus niet weggooien!

    Plaats van omkleden:

    • Aankleden: buiten de ‘isolatie’ kamer (of afdeling/unit in geval van cohort)
    • Uittrekken op de kamer buiten een cirkel van 1,5 meter
  • Hergebruik FFP2-maskers

    Bij de eerste coronagolf was er een tekort aan persoonlijke beschermingsmiddelen, zowel in verpleeghuizen als thuiszorg. Met te weinig bescherming loop je zelf én cliënten een gezondheidsrisico. Tegelijk hebben cliënten zorg nodig. Tijdens de eerste coronagolf zorgde dit voor grote dilemma's.

    Mocht het echt noodzakelijk zijn om PBM te hergebruiken kunt u klikken op onderstaande link.

    .

     

  • Wanneer kan PBM bij verpleging worden opgeheven bij een positieve patiënt in een verpleeghuis?

    Omschrijving klachtenvrij (bron RIVM): ten minste 24 uur symptoomvrij EN 48 uur koortsvrij EN minimaal 14 dagen na de start symptomen:

    • Koortsvrij: temperatuur onder de 38 graden, zonder koortsremmende medicatie.
    • Symptoomvrij van COVID-19: geen koorts, geen diarree, geen spierpijn, geen keelpijn, geen benauwdheid, geen neusverkoudheid, geen hoesten. Symptomen zoals door bevestigde persoon en/of behandelaar herkenbaar bij hooikoorts, astma, chronische hoest om andere redenen vallen niet onder symptomen van COVID-19. Moeheid, anosmie en dysgeusie spelen geen rol bij de definitie van symptoomvrij. Deze klachten kunnen een paar dagen tot weken langer aanhouden, zoals bekend is bij andere virale verwekkers, zonder dat nog sprake is van besmettelijkheid.
    • Start symptomen: ook wel de eerste ziektedag. Indien deze niet bekend is kan de datum van de monsterafname genomen worden.
    • Overweeg voor VG-bewoners, woonachtig buiten het instellingsterrein met een laag risicoprofiel op een ernstig beloop, de isolatietermijn aan te houden die geldt voor de algehele bevolking.

    N.B. In de termijn van 14 dagen na start symptomen is rekening gehouden met de termijn van terugval na ca. 5-7 dagen.

    Het afnemen van een PCR-test heeft geen meerwaarde bij het opheffen van de maatregelen omdat de test ook dood virus detecteert en een positieve test daarmee niet gelijk staat aan besmettelijkheid. De test kan nog lange tijd positief blijven. Over de rol van testen anders dan PCR-testen kan nog geen uitspraak worden gedaan.

  • Tekort aan schorten

    Indien er geen schort met PE-coating aanwezig is: gebruik ‘normaal’ schort met lange mouwen en draag er een halterschort overheen of draag een halterschort over de dienstkleding met korte mouw. Neem bij handhygiëne na uittrekken persoonlijke beschermingsmiddelen de onderarmen mee.

  • Patiëntenzorg

  • Hoe informeer je cliënten bij een positief geteste medewerker? en Moet een cliënt geïnformeerd worden wanneer een er een medewerker heeft gewerkt die achter positief bleek

    Bij zorgmedewerkers die positief getest zijn en gewerkt hebben in hun besmettelijke periode, wordt nagegaan of zij tijdens het contact met cliënten: 1) asymptomatisch waren, 2) ten minste een chirurgisch mondneusmasker type II hebben gedragen en 3) handschoenen hebben gedragen of adequate handhygiëne hebben toegepast. Indien aan al deze voorwaarden is voldaan én de preventieve maatregelen consequent en adequaat zijn toegepast, is de kans op besmetting van cliënten minimaal, en worden zij niet als contact beschouwd. Als niet aan deze drie voorwaarden is voldaan, worden ze gezien als categorie 2-contact.

    Bij twijfel of het mondneusmasker wel of niet adequaat is toegepast, worden de cliënten als categorie 3-contacten beschouwd indien dit door de GGD wordt toegepast ivm een cluster.

  • Wat zijn aanvullende adviezen t.a.v. intramurale patiëntenzorg?

    Intensivering van reiniging en desinfectie van hand- en contactpunten in de patiëntenkamer naar tweemaal per dag. Contactoppervlakten in de onderzoeks- of behandelruimte worden na gebruik gereinigd en gedesinfecteerd. Bij ontslag uit een patiëntenkamer vindt er een eindreiniging- en desinfectie plaats. De medewerkers dragen hierbij persoonlijke beschermingsmiddelen.

    Voor de afvoer en verwerking van afval en linnengoed gelden de reguliere hygiënemaatregelen en bijpassende instructies van de schoonmaak- en facilitaire medewerkers.

     

  • Wat is het (provinciale) protocol Protocol ACP en Palliatieve zorg bij COVID.

    In Limburg Noord en Zuid hebben de kaderartsen palliatieve zorg samen met enkele specialisten ouderengeneeskunde enkele protocollen opgesteld. Wordt uw vraag hiermee niet beantwoord dan kunt u kijken op palliaweb

  • Tips tegen eenzaamheid tijdens de corona crisis

    Door het coronavirus mogen ouderen in verpleeghuizen beperkt bezoek ontvangen. Ouderen kunnen daardoor sociaal geïsoleerd raken of zich eenzaam gaan voelen. Gelukkig zijn er mogelijkheden om eenzaamheid tegen te gaan. Klik op onderstaande link voor tips tegen eenzaamheid tijdens de coronacrisis.

  • Stroomschema (behandel)advies voor SO’s en AVG’s in de langdurige zorg

    Klik op onderstaande bron voor het stroomschema (behandel)advies voor SO’s en AVG’s in de langdurige zorg gepubliceerd op de website van Verenso.

  • Wanneer kan PBM bij verpleging worden opgeheven bij een positieve patiënt in een verpleeghuis?

    Omschrijving klachtenvrij (bron RIVM): ten minste 24 uur symptoomvrij EN 48 uur koortsvrij EN minimaal 14 dagen na de start symptomen

    • Koortsvrij: temperatuur onder de 38 graden, zonder koorts remmende medicatie.
    • Symptoomvrij: geen koorts, geen diarree, geen spierpijn, geen keelpijn, geen benauwdheid, geen neusverkoudheid. Symptomen zoals door patiënt en/of behandelaar herkenbaar bij hooikoorts, astma, chronische hoest om andere redenen vallen niet onder symptomen van COVID-19. Moeheid, anosmie, dysgeusie en postvirale hoest spelen geen rol bij de definitie van symptoomvrij. Deze klachten kunnen een paar dagen tot weken langer aanhouden, zoals bekend is bij andere virale verwekkers, zonder dat nog sprake is van besmettelijkheid.
    • Start symptomen: ook wel de eerste ziektedag. Indien deze niet bekend is kan de datum van de monsterafname genomen worden.
    • Overweeg voor VG-bewoners, woonachtig buiten het instellingsterrein met een laag risicoprofiel op een ernstig beloop, de isolatietermijn aan te houden die geldt voor de algehele bevolking. N.B. In de termijn van 14 dagen na start symptomen is rekening gehouden met de termijn van terugval na ca. 5-7 dagen.
    • Het afnemen van een PCR-test heeft geen meerwaarde bij het opheffen van de maatregelen omdat de test ook dood virus detecteert en een positieve test daarmee niet gelijk staat aan besmettelijkheid. De test kan nog lange tijd positief blijven. Over de rol van testen anders dan PCR-testen kan nog geen uitspraak worden gedaan.
  • Cliënten worden in onze verpleegzorg getest op dag 0 en dag 10. In wijkzorg wordt maar 1 keer getest. Wat is hierin jullie advies?

    Wij hebben geen advies over hertesten. Dit wordt door instellingen zelf besloten om eventueel zorgmedewerkers bij een negatieve test weer aan het werk te kunnen zetten. Qua cliënten geldt dat wanneer zij positief zijn zij niet meer besmettelijk zijn wanneer de klachten na 7 of 14 dagen en 24 uur weg zijn. 

  • Hoe pas ik de ‘klachtenvrije’ richtlijn toe bij predominante chronische klachten?

    Pragmatisch gezien adviseren wij te kijken naar de veranderingen t.o.v. baseline. Indien andere klachten zijn verdwenen maar de reeds bestaande chronische klachten op dezelfde manier/intensiteit aanwezig zijn, is het aannemelijk om te veronderstellen dat de patiënt voor dit behandelingsdoel klachtenvrij is. Het is niet realistisch om mensen met chronische klachten maanden een maatregel op te leggen of noodzakelijke behandeling te ontzeggen.

  • Inzet en testbeleid zorgmedewerkers

  • Wat zijn adviezen over hertesten van zorgmedewerkers?

    Wij hebben geen advies over hertesten. Dit wordt door instellingen zelf besloten om eventueel zorgmedewerkers bij een negatieve test weer aan het werk te kunnen zetten. Qua cliënten geldt dat wanneer zij positief zijn zij niet meer besmettelijk zijn wanneer de klachten na 7 of 14 dagen en 24 uur weg zijn. Omdat testen langdurig een positieve uitslag kunnen geven zonder dat er sprake is van besmettelijkheid wordt geadviseerd om niet te hertesten wanneer iemand na 7 dagen klachten en na 24 uur klachtenvrij is. 

  • Wat betekent het coronavirus voor mijn werkzaamheden als SOG-arts /verpleegkundige/thuiszorgmedewerker?

    Om maatschappelijke ontwrichting te beperken en te zorgen dat vitale sectoren zoals zorg brandweer en elektriciteit blijven functioneren is het belangrijk dat u naar uw werk gaat als u geen klachten heeft. Mocht u twijfelen of u kunt werken, neem dan contact op met uw werkgever. 

    Op de website van het RIVM staan ook uitgangspunten voor het inzetten en testen van zorgmedewerkers

  • Testbeleid zorgmedewerkers

    Eerder was het enkel mogelijk om getest te worden op COVID-19 indien iemand voldeed aan bepaalde voorwaardes en verliep dit proces veelal via aanmeldingsformulieren. Vanaf 1 juni kan iedereen met klachten passend bij COVID-19 zich laten testen en gaat dit via het landelijke nummer: 0800 - 1202. 

    Aan medewerkers in de sectoren VVT, de gehandicaptenzorg en de GGZ wordt gevraagd zich aan te melden via het nummer: 088 – 880 5005 (coronalijn GGD Zuid Limburg). Medewerkers uit het onderwijs kunnen zich aanmelden via het nummer: 0800-8101. De aanmeldformulieren komen te vervallen.

  • Wat is het beleid voor zorgmedewerkers waarvan huisgenoten klachten hebben?

    De kans dat huisgenoten van een COVID-19-patiënt ook besmet raken is groot. De kans dat een immune huisgenoot besmet raakt is kleiner. Daarom wordt onderscheid gemaakt tussen immune en niet-immune huisgenoten.

    Het is van groot belang dat zorgmedewerkers (en hun huisgenoten) zich bij klachten direct laten testen.

    Immune zorgmedewerkers met een positief geteste huisgenoot

    Immune zorgmedewerkers met een positief geteste huisgenoot hoeven niet in quarantaine. Zij dragen tot en met de 10e dag na het laatste contact met de positief geteste huisgenoot tijdens het werk een chirurgisch mondneusmasker ten minste type II en laten zich testen op dag 5, nadat de huisgenoot positief is getest

    Niet-immune zorgmedewerkers met een positief geteste huisgenoot

    Niet-immune zorgmedewerkers met een positief geteste huisgenoot gaan thuis in quarantaine, zij gaan niet naar hun werk en laten zich zo snel mogelijk testen. Daarnaast laten zij zich testen op dag 5 na het laatste contact met de positief geteste huisgenoot.

  • Wat is het advies mbt hertesten van zorgmedewerkers?

    Wij hebben geen advies over hertesten. Dit wordt door instellingen zelf besloten om eventueel zorgmedewerkers bij een negatieve test weer aan het werk te kunnen zetten. Qua cliënten geldt dat wanneer zij positief zijn zij niet meer besmettelijk zijn wanneer de klachten na 7 of 14 dagen en 24 uur weg zijn. Omdat testen langdurig een positieve uitslag kunnen geven zonder dat er sprake is van besmettelijkheid wordt geadviseerd om niet te hertesten wanneer iemand na 7 dagen klachten en na 24 uur klachtenvrij is.  

  • Wat is de invloed van verschillende soorten PBM op het bron- en contactonderzoek (BCO) binnen zorginstellingen (VVT, gehandicaptenzorg, GGZ)?

    Invloed PBM op BCO:

    • Bij zorgmedewerkers die (preventief) een chirurgisch mondneusmasker ten minste type II en handschoenen hebben gedragen of adequate handhygiëne hebben toegepast bij het contact met een patiënt tijdens diens besmettelijke periode, zonder tevens een bril en een schort, kan het beleid voor overige (niet nauwe) contacten, categorie 3 gevolgd worden.
    • Zorgmedewerkers die volledige PBM (chirurgisch mondneusmasker ten minste type II, handschoenen, bril en schort) hebben gebruikt worden niet als contact geïncludeerd in het contactonderzoek.
    • Een zorgmedewerker die zorg verleent aan een bewezen of verdachte COVID-19-patiënt dient ten alle tijden volledige PBM (chirurgisch mondneusmasker ten minste type II, handschoenen, bril en schort) te gebruiken.

    Werken als nauw contact:

    • Als nauw contact mag een zorgmedewerker wel werken, zo lang deze geen klachten heeft. De zorgmedewerker draagt, tot 14 dagen na het laatste contact, tijdens het werk een chirurgisch mondneusmasker type II en handschoenen. Zet deze zorgmedewerker bij voorkeur niet in voor zorg van de meest kwetsbaren binnen uw instelling.

     Het testbeleid en de inzet van zorgmedewerkers buiten het ziekenhuis is door het RIVM verder uitgewerkt. https://lci.rivm.nl/lci.rivm.nl/covid-19/bijlage/zorgmedewerkersinzetentestbeleid?utm_source=Spike&utm_medium=email&utm_campaign=Infact+GGD Hierin wordt ook aangegeven of, en zo ja onder welke voorwaarden, een zorgmedewerker ingezet kan worden als deze een huishoudcontact is van een COVID-positief getest persoon of als een huisgenoot van de zorgmedewerker luchtwegklachten, koorts en/of benauwdheid ervaart.

  • Wat is het beleid van zorgmedewerkers die in oranje (grens)gebieden wonen?

    Zorgprofessionals uit code oranje (grens)gebieden, alleen als zij naar Nederland reizen voor werk, hoeven geen 14 dagen in thuisquarantaine en mogen werken in overleg met de arbodienst en uiteraard zolang zij klachtenvrij zijn. Het gebruik van PBM wordt niet expliciet geadviseerd maar wel zinvol bij contact met kwetsbare groepen.

  • Werkhervatting van zorgmedewerkers na een COVID besmetting

    Besmettelijke periode
    Indien de PCR-test positief is, blijft de medewerker met klachten thuis in isolatie tot minimaal 7 dagen na de start van de symptomen1 EN 48 uur koortsvrij2 EN ten minste 24 uur symptoomvrij3.

    1. Start symptomen = ook wel de eerste ziektedag. Indien deze niet bekend is kan de datum van de monsterafname genomen worden.
    2Koortsvrij = temperatuur onder de 38 graden, zonder koortsremmende medicatie.
    3. Symptoomvrij van COVID-19 = geen koorts, geen diarree, geen spierpijn, geen keelpijn, geen benauwdheid, geen neusverkoudheid. Symptomen zoals door patiënt en/of behandelaar herkenbaar bij hooikoorts, astma, chronische hoest om andere redenen vallen niet onder symptomen van COVID-19. Moeheid, anosmie, dysgeusie en postvirale hoest spelen geen rol bij de definitie van symptoomvrij. Deze klachten kunnen een paar dagen tot weken langer aanhouden, zoals bekend is bij andere virale verwekkers, zonder dat nog sprake is van besmettelijkheid.

    Bij asymptomatische infecties begint de besmettelijke periode op de testdatum en eindigt 7 dagen na de testafname.

  • Welke maatregelen moet een zorgmedewerker in de intra- of extramurale sector nemen i.v.m. zijn werkzaamheden nemen bij verkoudheid?

    Mocht u twijfelen of u kunt werken, neem dan contact op met uw werkgever.

    Op de website van het RIVM staan ook uitgangspunten voor het inzetten en testen van zorgmedewerkers.

    Instellingen zoals verpleeghuizen en ziekenhuizen hebben een deskundige infectiepreventie. Zij weten welke protocollen geldig zijn en kunnen met vragen of onduidelijkheden contact opnemen met een deskundige van de GGD.

  • Adviseren julie om in de woning van de client altijd een mondneusmasker te dragen?

    Preventief gebruik van PBM in overige zorgsituaties buiten het ziekenhuis bijvoorbeeld bij consulten of huisbezoeken

    Zorgmedewerkers kunnen preventief een mondneusmasker gebruiken bij patiënten ZONDER (verdenking op) COVID-19, om te voorkomen dat zij zelf besmet raken met COVID-19 of dat zij hun patiënten besmetten. Voor zorgmedewerkers geldt het advies om vanaf inschalingsniveau 'zorgelijk' een chirurgisch mondneusmasker ten minste type II te gebruiken in een zorgsituatie waarbij géén 1,5 meter afstand gehouden kan worden tot een patiënt.

    Een face-shield als vervanging van een mondneusmasker ten minste type II kan in deze zorgsituaties alleen als er ook goede bronmaatregelen zijn zoals triage op klachten en testbeleid voor medewerkers. Een face-shield kan bijvoorbeeld gebruikt worden bij een spreekuur van een logopedist of een ergotherapeut in een zorginstelling. 

    Bij diagnostische of therapeutische medische handelingen waarbij de zorgverlener zeer dicht (<30 cm) bij het gelaat van de patiënt komt, wordt geadviseerd een chirurgisch mondneusmasker ten minste type II en een spatbril/face-shield te dragen. Zie ook de Leidraad Persoonlijke bescherming in de (poli)klinische setting van de Federatie Medische Specialisten.

    Voor kinderen t/m 12 jaar zonder voor COVID verdachte symptomen kan voor alle handelingen worden volstaan met basis hygiënische maatregelen.

  • Ik heb mogelijk contact gehad met een patiënt met coronavirus. Wat moet ik doen?

    Neem telefonisch contact op met uw eigen leidinggevende en/of deskundige infectiepreventie dan wel arts microbioloog. Zij weten welke protocollen geldig zijn.

  • Hoe komt het dat het testbeleid in elke regio anders is?

    het verschil wordt deels veroorzaakt door het ontbreken van goede randvoorwaarden ter ondersteuning van het landelijk testbeleid. Hierdoor zoekt elke GGD naar haalbare oplossingen binnen zijn regio/organisatie. Een 2e factor die de verschillen beïnvloedt is de verschillen per GGD in logistieke inrichting en karakteristieken.

    Door nu in het landelijk overleg van de GGD GHOR NL ook medici te laten participeren, hoopt men een landelijk beleid neer te zetten dat praktisch haalbaar is voor de regio’s. Voorlopig is tevens besloten om regio’s vrij te laten om het HOE te regelen als het WAT/WIE maar hetzelfde is in elke regio.

  • Reiniging en desinfectie

  • Reiniging en desinfectie voor huishoudelijke hulpen

    Bij quarantaine en thuisisolatie zonder huisgenoten: de huishoudelijke hulp reinigt zoals in een normale situatie. 

    Bij thuisisolatie met huisgenoten: de huishoudelijke hulp reinigt zoals hij of zij dat gewend is.

    De huishoudelijke hulp gebruikt bij reiniging altijd wegwerphandschoenen en past na de schoonmaak handhygiëne toe. 

     

  • Hoe moet er in de woning schoongemaakt worden?

    Als de cliënt klachten heeft en verblijft in een woning zonder huisgenoten, reinig dan huishoudelijk zoals in een normale situatie. Bij het reinigen worden zoveel virussen weggehaald dat de kans op besmetting heel klein wordt. Gebruik handschoenen en pas na uittrekken van de handschoenen handhygiëne toe.

     

testbeleid bewoners/cliënten
  • Preventief testbeleid voor cliënten en bewoners

    Landelijke richtlijn in combinatie met Verenso adviseert om alle bewoners zo spoedig mogelijk te laten testen en op/na dag 5 wanneer ze in contact zijn geweest met een index. Kwetsbare groepen (>70 jaar, comorbiditeiten) blijven tot 10 dagen na het laatste contactmoment in quarantaine terwijl niet-kwetsbaren op/na dag 5 uit quarantaine mogen bij een negatieve test. Daarnaast wordt geadviseerd om dagelijks een gezondheidscheck uit te voeren tot 10-14 dagen bij kwetsbaren om eventuele klachten te monitoren.