Om deze website te kunnen gebruiken dient u Javascript in te schakelen.

BRMO (Bijzonder resistente micro-organismen)

MRSA (Meticilline-Resistente Staphylococcus Aureus)

De MRSA-bacterie is ongevoelig voor alle ß-lactam antibiotica, zoals flucloxacilline, amoxicilline/clavulaanzuur en cefuroxim. Voor andere groepen antibiotica zijn ze vaak nog wel gevoelig, zodat er over het algemeen nog andere behandelingsopties zijn. In Nederland hanteert de afdeling het zogenaamde zoek-en-vernietig (search and destroy)-beleid bij MRSA-besmetting bij de mens. Dat wil zeggen dat dragers van MRSA actief opgespoord worden door bij risicopatiënten voor, of indien dit niet mogelijk is bij, opname in het ziekenhuis te screenen door uitstrijken van neus, keel, perineum en eventueel wonden te kweken. Risicofactoren voor MRSA dragerschap zijn:

  • Een huisgenoot die drager is van MRSA.
  • De patiënt is in de afgelopen 2 maanden in een buitenlands ziekenhuis opgenomen geweest.
  • De patiënt heeft bedrijfsmatig contact met vleeskalveren/-kuikens of varkens.
  • De patiënt is de afgelopen 2 maanden in een zorginstelling geweest waar een epidemie met MRSA heerst.
  • De patiënt is in de afgelopen 2 maanden woonachtig geweest in een instelling voor asielzoekers.

Het verdient de voorkeur om bij een risicopatiënt een MRSA kweek te doen vóór opname in het ziekenhuis of polikliniekbezoek. Indien een snelle uitslag gewenst is, kan materiaal voor MRSA-PCR ingestuurd worden. Informatie over wijze van afname kunt u vinden in het vademecum.

MRSA eradicatie

Indien een patiënt positief is voor de MRSA bacterie kan het zinvol zijn om een MRSA eradicatiebehandeling uit te voeren. Of dit nuttig is kunt u bespreken met de dienstdoende arts-microbioloog. Indien wordt besloten om een MRSA eradicatie bij de patiënt uit te voeren dienen eerst controlekweken bij de patiënt afgenomen te worden van keel, neus, perineum en eventueel wonden/huidlaesies. Deze kweken dienen apart te worden ingezet (graag op aanvraagformulier vermelden “APART INZETTEN”). Daarnaast dienen MRSA kweken afgenomen te worden van eventuele huisgenoten en huisdieren van de patiënt. Een beknopte beschrijving van een dergelijke behandeling kunt u hieronder vinden. Het uitgebreide MRSA-eradicatie protocol kunt u vinden op: http://www.swab.nl.

 

  • Lees meer

    Ongecompliceerd MRSA-dragerschap

    Men spreekt van ongecompliceerd MRSA-dragerschap, wanneer dit voldoet aan onderstaande punten:

    • Individu zonder actieve infectie met de MRSA bacterie.
    • MRSA is in vitro gevoelig voor de toe te passen antibiotica.
    • Er zijn geen actieve huidlaesies.
    • Er is geen lichaamsvreemd materiaal dat een verbinding vormt tussen milieu interieur en milieu exterieur (bijvoorbeeld urine catheter, fixateur externa).
    • Dragerschap is uitsluitend in de neus gelokaliseerd.

    Behandeling ongecompliceerd dragerschap

    • Mupirocine neuszalf 3 dd gedurende 5 dagen.
    • Gedurende de behandeling worden huid en haren dagelijks met een desinfecterende zeep (Chloorhexidine zeep oplossing 40 mg/ml of betadine shampoo 75 mg/ml) gewassen, bij voorkeur onder de douche (niet in bad).
    • Dagelijks schoon ondergoed, schone kleding, schone washandjes en handdoeken gebruiken.
    • Op dag 1, 2 en 5 van de kuur beddengoed volledig verschonen. Bij het naar bed gaan dient tevens gedurende de behandeling schoon ondergoed dan wel pyjama te worden aangetrokken.

    Eventueel besmette gezinsleden / huisdieren gelijktijdig behandelen. Indien deze als ongecompliceerde drager worden beschouwd kan met de daar genoemde behandeling worden volstaan en worden geen systemische middelen gegeven.

    Gecompliceerd MRSA-dragerschap

    Men spreekt van compliceerd MRSA-dragerschap, wanneer dit voldoet aan minstens één van onderstaande punten:

    • Er zijn actieve huidlaesies en/of er is lichaamsvreemd materiaal dat een verbinding vormt tussen milieu interieur en milieu exterieur

    en/of

    • MRSA is in vitro ongevoelig voor mupirocine

    en/of

    • Eerdere behandelingen volgens de adviezen bij ongecompliceerd dragerschap hebben gefaald

    en/of

    • Dragerschap bevindt zich (ook) op andere plaatsen dan de neus, zoals keel, perineum, of huidlaesies.

    Behandeling gecompliceerd dragerschap

    Behandeling van gecompliceerd dragerschap bij een mupirocine gevoelige MRSA:

    • Systemische behandeling gedurende minstens 7 dagen met een combinatie van 2 middelen. De keuze wordt primair bepaald door de in vitro gevoeligheid van de betreffende MRSA. De keuze van antibiotica kunt u overleggen met de dienstdoende arts-microbioloog. In principe wordt orale behandeling toegepast.

    Systemische behandeling combineren met:

    • Mupirocine neuszalf 3 dd gedurende 5 dagen.
    • Gedurende de behandeling worden huid en haren dagelijks met een desinfecterende zeep (Chloorhexidine zeep oplossing 40 mg/ml of betadine shampoo 75 mg/ml) gewassen, bij voorkeur onder de douche (niet in bad).
    • Dagelijks schoon ondergoed, kleding en schone handdoeken gebruiken. Op dag 1, 2 en 5 van de kuur beddengoed volledig verschonen. Bij het naar bed gaan dient tevens gedurende de behandeling schoon ondergoed dan wel pyjama te worden aangetrokken.
    • Eventueel besmette gezinsleden / huisdieren gelijktijdig behandelen. Indien deze als ongecompliceerde drager worden beschouwd kan met de daar genoemde behandeling worden volstaan en worden geen systemische middelen gegeven.
    • Bij eventueel aanwezige wonden wordt dragerschap behandeling pas ingesteld als de wond genezen is tenzij er redenen zijn om dit niet uit te stellen. Lokale toepassing van mupirocine op de wond is niet gewenst, vanwege de kans op resistentievorming. Het toepassen van desinfectantia heeft de voorkeur, eventueel in combinatie met systemische antibiotische therapie.

    Voor meer informatie zie Swab richtlijn MRSA.

Sluit de enquête